![]() |
|
|
|
||||||||||||||||
dr. Martin Boot:
De meerduidigheid van de
astrologie
1. Wetenschappelijk onderzoek naar astrologische uitspraken "Related to his fear of the "irrational" is the fear of ambiguity. He therefore comes to need a black and white world and will buy a wrong or partial answer to relieve the anxiety associated with the grey areas, the unclear or ambiguous. Zo beschrijft Herb Goldberg in zijn boek "Hazards of being male"
(Goldberg, 1976) de angst van de moderne man voor meerduidigheid.
Dat iets meer dan een betekenis kan hebben, dat een mens vol tegenspraken
kan zitten, is een bedreiging voor de gemiddelde man die opgevoed is in
logica en een leefstijl die op besliste actie is gericht. Precies daarop
is onze wetenschap gericht en zo komen we tot de vraag: zijn de uitspraken
van astrologen wetenschappelijk verifieerbaar? Want wat niet
wetenschappelijk verifieerbaar is, bestaat niet, is niet logisch, is geen
feit. 1.1 Wetenschappelijk onderzoek en astrologische
uitspraken Er is dan ook heel veel wetenschappelijk onderzoek gedaan naar deze astrologische feiten. Onderzoek als: watermannen worden piloot, tweelingen worden journalist, steenbokken worden boekhouder etc. Hoe zorgvuldig dit onderzoek ook werd uitgevoerd, het leverde niets op, zoals men kan nalezen bij Dean (Dean, 1977). Het normale commentaar op dit onderzoek is, dat het de astrologie geen
recht doet. Er ontstond een tweede type onderzoek. Astrologen moesten raden wie op een bepaalde psychologische test, wat scoorde. Ze moesten raden of iemand "extravert" of "introvert" was. Ook dit onderzoek levert niets op, zoals kan worden nagelezen in Dean (Dean, 1985). Dit type onderzoek gaat uit van de hele horoscoop en wordt wel aangeduid met de term Vernon Clark achtig onderzoek. (Eysenck, 1982) Momenteel is een derde type onderzoek aan het ontstaan: uitspraken
gebaseerd op astrologische aspecten. Een voorbeeld ervan is het werk van
Kuypers. (Kuypers, 1984) Ook dit onderzoek heeft eenzelfde soort verhaal te vertellen als alle ander wetenschappelijk onderzoek van astrologische uitspraken of liever van de uitspraken van astrologen. Er is een onderzoek dat wat belooft, dan komt er een replicatie van het onderzoek en het effect is weg. Dan komt iemand wijzen op de problemen die er zijn, onderzoekstechnisch (bv. Eysenck/Bias, 1982 of Dean, 1977) of astronomisch (Gauquelin, 1985). Wat de aspecten betreft moet er dan nog worden bij opgemerkt, dat er geen reële maat is om de verwachting te testen. Op verschillende plaatsen in de wereld wordt momenteel gewerkt aan frequentielijsten van aspecten die werkelijk hebben plaatsgevonden (zie bv. Zip Dobyns, 1986 en Boot/ vd Zalm, 1986 in Gauquelin, 1986)
1.1.1. Conclusie 1.1. 2. Verklaringen a: Onderzoekstechnisch: Er is veel geschreven over wat er allemaal ontbreekt aan de wetenschappelijke aanpak van astrologisch onderzoek. Men zoekt dus het gebrek aan resultaat in het gebrek in de techniek en zonder enige twijfel kan men zinnige opmerkingen maken in dit opzicht (zie bv. Eysenck/Nias, 1982). b: Andere uitspraken Men zoekt het in een verandering van de te onderzoeken uitspraken en komt dan bv met Vernon Clark achtig onderzoek aan. De moeilijkheid bij dat laatste onderzoek is in mijn opinie dat het niet gaat over astrologische uitspraken. Men onderzoekt hiermee immers of astrologen dezelfde uitspraken kunnen opleveren als psychologische tests. Of astrologen dus de psychologische vaktaal beheersen ja of nee. Het is heel voorspelbaar dat dat niets oplevert. Astrologen weten immers doorgaans niet wat die psychologische tests betekenen. Het is zelfs de vraag of psychologen wel weten wat ze meten met hun tests. De discussie daarover is nog lang niet uitgewoed. 1.1.2.1. Onvoldoende 2. Astrologie als taal Vergelijken we twee uitspraken:
Een uitspraak uit de wetenschap en een uitspraak uit de astrologie. De wetenschapsman zal zeggen: Het gaat hier om twee uitspraken die gedrag beschrijven. Om twee uitspraken die dus in de werkelijkheid van alledag waarneembaar zijn, om twee uitspraken waarmee je een experiment kunt opzetten om de feitelijke waarde ervan aan te tonen. Zo is alle wetenschap naar astrologische uitspraken ontstaan. De gedachte die daaronder zit is: Uitspraak a en b zijn van dezelfde soort. Mochten ze namelijk niet van dezelfde soort zijn, dan is het verkeerd om ze op dezelfde manier te behandelen. Uit wetenschappelijke studie komt: alle water kookt onder dezelfde omstandigheden altijd bij 100 graden celsius. Dus de uitspraak is feitelijk juist. De uitspraak stamt uit een gebied waar men dergelijke uitspraken wenst te doen, dergelijke "wetten" wenst te ontdekken. Nu de pratende Tweelingen. Er is een groot verschil tussen de uitspraak over water en die over Tweelingen. Bij de uitspraak over water staat precies aangegeven onder welke omstandigheden water welk gedrag vertoont. Bij de Tweelingen staat niet onder welke omstandigheden hij praat. Het kan toch de bedoeling niet zijn van de uitspraak dat men leest: Alle Tweelingen praten ononderbroken van hun geboorte tot hun dood door!? Wetenschappelijk gezien, staat het er echter zo wel. Wat betekent dat nu? Je zou twee conclusies kunnen trekken. De eerste is: je moet de omstandigheden opgeven waaronder een Tweelingen praat. In dat geval ben je van mening dat de astrologische taal een taal is of zou moeten worden als de taal van de natuurkunde. Zonder enige twijfel een interessant gezichtspunt en je kunt zeker honderden manjaren besteden aan het bepalen van de omstandigheden waaronder een Tweelingen wel of niet praat. Dergelijk onderzoek kan best bijdragen aan een specificatie van de astrologische kennis. Het is echter de vraag of dit soort onderzoek een wezenlijk astrologische vraag betreft. Je kunt overigens nu al voorspellen dat het nooit zal lukken om de omstandigheden te bepalen waaronder alle Tweelingen voorspelbaar praten. Dit argument berust op gezond verstand. Weliswaar geen wetenschappelijk argument, maar toch, er zal niet zoveel tegenin te brengen zijn. Gezond verstand als argument is de gruwel van de wetenschapsman, want wat is dan wel gezond verstand? Net zoiets als intuïtie, iets vaags, iets meerduidigs, je weet niet waar je aan toe bent. De ene keer geldt dit, de andere keer dat. En nu kan iedereen het citaat uit Goldberg herlezen waarmee ik dit artikel begon. Moet dan nu de conclusie zijn dat astrologische uitspraken geen goede uitspraken zijn? Dat zou inhouden dat alleen de uitspraken van de natuurkunde en aanverwante gebieden goede uitspraken zouden opleveren. Dat lijkt me wat te ver gaan. Zou het niet zo kunnen zijn dat astrologische uitspraken uitspraken van een ander soort zijn? Dat is toch een conclusie die minstens even voor de hand ligt.
3. Wat voor soort uitspraken zijn astrologische uitspraken?
c: is een regel uit een gedicht d: is in dezelfde vorm gebracht. Het antwoord op beide zinnen is: Ja dat is zo, tenminste als je ervaringen hebt die bij de twee uitspraken passen. Neemt nu iedereen aan dat liefhebben een activiteit voor de traanzakken is? Nee. Toch staat het er letterlijk zo: liefhebben is huilen. Is het dus onzin, is het dus niet feitelijk, berust de uitspraak over verdriet en liefde dus nergens op? Nee, integendeel. Deze uitspraak kan iemand zo diep raken dat hij/zij zegt: Ja dat is waar en hij of zij is weer iets meer in staat om de zin of het geheim van het leven te benaderen. Hij of zij kan er inderdaad geen water mee koken, maar is dat nodig als je troost zoekt over je liefdesverdriet? Of is troost iets irreëels, iets niet feitelijks, iets niet echts, iets dat nergens op slaat, iets dat nergens op berust? Wat voor soort uitspraak is de uitspraak
Wie niet liefheeft, huilt niet?
In mijn opvatting levert de astrologie nu net zulke uitspraken op. Uitspraken die per definitie niet passen bij wetenschappelijk onderzoek van de soort die psychologen van de academische richting voorstaan. Astrologische uitspraken zijn symbolische uitspraken. Astrologisch onderzoek vereist dus onderzoekstechnieken die passen bij de studie van symbolen. Michel Gauquelin zei het onlangs zo: "I don't think there is any way, with the knowledge we have now, to explain, how astrology works. We may have to find another kind of explanation. I don't say that it is a metaphysical explanation. .... I think the biggest mystery for me is not only that astrology works, as it was claimed long ago, but that the symbolism of the planets are the right ones. How did the Babylonians manage to have this very clear view of .. Mars etc." (Gauquelin, 1986)Gauquelin verwoordt hier een verbazing die mijn inziens alleen maar kan ontstaan uit de blikvernauwing die ons soort wetenschappelijk onderzoek heeft veroorzaakt. De belangrijkste waarheden over de mens staan toch vermeld in de oudste mythen!? Waar halen wij de arrogantie vandaan, te veronderstellen dat wij meer van de mens weten dan de Babyloniërs of de Grieken. Doordat we toevallig fietsen kunnen produceren die zij niet hadden? 4: Conclusie Wetenschappelijk onderzoek van astrologische uitspraken zoals dat nu door psychologen wordt verricht brengt de astrologie niet verder. Het berust op de foutieve veronderstelling dat astrologische uitspraken feiten zouden beschrijven in de zin van de natuurwetenschappelijke feiten. De gegevens die dit onderzoek oplevert kunnen hooguit een marginale bijdrage aan het inzicht in de astrologie leveren. Of dit soort onderzoek een bijdrage aan de psychologie is, moeten psychologen zelf maar uitmaken. Willen we meer inzicht in de astrologie krijgen dan zullen we onderzoek naar de status en werking van symbolen moeten verrichten. We zullen een serieuze plaats moeten vinden voor meerduidigheid en intuïtie in ons onderzoek. Vooronderzoek op dit gebied is voornamelijk gedaan in de kunstwetenschappen. Wat de taalkundige kant betreft kunnen we het best terecht bij de literatuurwetenschap. Literatuur waarnaar verwezen werd:
|
|||||||||||||||||||
Published by ORION mb
.
| |||||||||||||||||||